De samenstellers van ‘Catwalk’ in het Rijksmuseum hadden geen betere reclame voor hun mode-tentoonstelling kunnen bedenken dan de vondst van de 17de eeuwse jurk die nu in Texel in Kaap Skil te zien is.  Van de week werd duidelijk dat de jurk vermoedelijk heeft toebehoord aan hofdame Jane Kerr, die naar Den Haag reisde om daar te spioneren aan het Engelse hof. Dat prikkelt de fantasie, net als de mode in het Rijks.

Erwin Olaf

Ook in het Rijks jurken die de eeuwen hebben getrotseerd. Al is het dan niet in een zandbank in de Noordzee maar in het depot, gekoesterd door curatoren en conservatoren. Dát en de verrassende vormgeving door de bekende fotograaf Erwin Olaf stemde de verwachting hoog.
De eerste zaal die we betreden toont onder het afspelen van een kinderliedje kinderkleding in een ronddraaiende carrousel. Aan de muur speelde een projectie van in elkaar overvloeiende foto’s van de jurken die in de tentoonstelling te zien zouden zijn. Een aangenaam mooie preview, zoals ik dat ook had verwacht.

Revolverheld

Maar wie schetst mijn verbazing als ik zaal twee binnenwandel: daar hangt een vieze onderbroek, iets dat op een Oostenrijkse Lederhose lijkt en tegen de andere muur een hoed met een kogelgat in de vitrine. Op een roodfluwelen kussen liggen botjes en kogels. Het lijkt wel een scène uit Lucky Luke! Dit zijn de overblijfselen van Ernst Casimir. Geen cowboy maar een revolverheld uit de 17e eeuw van de Republiek der Nederlanden. Hij blijkt op een indrukwekkende manier te zijn gestorven in 1632 bij Roermond, vechtend aan de zijde van stadhouder Frederik Hendrik in een veldtocht langs de Maas. Vanwege zijn moed en de familiebanden met de Nassaus zijn in Leeuwarden aan het Friese hof zijn botjes en de kleding die hij tijdens de slag droeg, als relikwieën bewaard gebleven.
Het stamt uit dezelfde tijd als de kleding van de spionerende hofdame. Daar gaat mijn beeld van een brave tijd van rijke handelslieden en noeste zeelui; aan flarden door een spionne en een revolverheld uit de zeventiende eeuw.
De ‘Lederhose’ is de overbroek met prachtige zijbiesen van de revolverheld. Die korte broek liep over in grote laarzen die tot over de knie kwamen, zoals een schilderij laat zien. De ‘vieze’ onderbroek is de enige overgebleven onderbroek uit die tijd. Alleen in Engeland bevindt zich een andere 17e eeuwse koninklijke onderbroek. Het is ook vrijwel de enige mannenmode in het Rijks.

BEVRIJDING

Na al dat machogedoe van veldslagen, sneuvelen en kogelgaten is het een verademing om even neer te zijgen in een stoel om een parade van prachtige jurken aan me te laten voorbijtrekken. Een echte catwalk met poppen in jurken uit diverse tijden. Vandaar de naam van de tentoonstelling. De spiegels aan de uiteinden van de catwalk maken dat het schier oneindig lijkt. Een Droste-effect van modellen. In de volgende zaal kijkt een leger aan poppen in baljurken uit diverse tijden, voorzien van een gouden masker, naar een zwarte modelpop met de Mondriaanjurk uit de jaren zestig. Het ontwerp is van Yves Saint Laurent. In een documentaire over de ‘making of’ van de tentoonstelling, verklaart Erwin Olaf dat hij die jurk beschouwt als het modehoogtepunt van de bevrijding en individualisering van de vrouw.

Mooiste stuk

Het mooiste stuk van de tentoonstelling is de jurk waarin de heupen verbreed zijn aan beide kanten met een meter en die vanaf de zoom tot de heup uit grote veelkleurige geborduurde bloemen bestaat. De muren die vanaf de vloer tot schouderhoogte dezelfde bloemenversiering kennen, benadrukken dat nog eens. Spiegels versterken het effect. Een briljant spektakel dat groot respect inboezemt voor de mensen die dit hebben gemaakt. Zowel de jurken als deze tentoonstelling. Kijk, dáár kwam ik voor!