Ik zit klem: ik kan niet uit mijn bed. Mijn herniaklachten zijn nu zo erg dat het advies van de dokter en internet ‘blijven bewegen’ niet meer uitgevoerd kunnen worden. Ik heb geen keus. Ik kan eenvoudigweg niet meer opstaan.

De stoel achterover

Sterker nog, slechts één houding is mogelijk en levert de minste pijn op. Dat is de met- stoel -achterover-gevallen-houding maar dan zonder de stoel. Met een krukje en kussen onder mijn knieën, vormen mijn benen een rechte hoek met mijn rug en mijn knieën een rechte hoek met mijn bovenbenen. Zo ligt mijn rug recht en zijn mijn benen ontspannen.

Karin de Lange zou over léuke dingen gaan schrijven. Helaas werd ze opnieuw getroffen door een hernia. En zij is niet de enige: jaarlijks worden 650.000 Nederlanders geplaagd door nek- en rugklachten.  Lees de komende weken hoe Karin als ervaringsdeskundige weer op de been komt: aflevering 3.

Deze houding ken ik nog van twintig jaar geleden toen ik voor de eerste keer met een hernia in bed kwam te liggen. Toen was het credo: veertien dagen volstrekte bedrust en opstaan onder leiding van een fysiotherapeut. Nu is de bedoeling dat je in acht weken letterlijk op de been blijft met behulp van diezelfde fysiotherapie. Pas als ik acht weken geen vooruitgang heb geboekt, kom ik in aanmerking voor een MRI-scan en eventueel een operatie.

Geen MRI

Nou, zó ver ga ik het niet laten komen. Mijn plan is: liggen tot ik op mijn zij kan draaien en mijn billen van bed kan tillen. Dan kan ik het bed proberen te verlaten. Dat is namelijk mijn ervaring van twintig jaar geleden, toen ik ook gevloerd was met een hernia en bedrust nog de medische strategie was.
Af en toe het krukje weg en op mijn rug liggen met opgetrokken knieën is de enige luxe, die ik me permitteer. En toiletbezoek dan? Tja, dat moet op bed. Dus haalt manlief een steek en plastic matjes. De steek gebruiken is een echte martelgang. Ik kan namelijk mijn billen niet van het bed tillen zonder heftige pijn.  Alle pijnstillers, tot morfine toe, helpen amper.

 

Kleine dingen doen het

Dit is nu de grote droom van sommigen met hoge werkdruk. Niet echt ziek, maar toch ‘lekker’ in bed. Na enkele dagen zakt de pijn, als ik me koest hou. Dat weet ik van de vorige keren. Ik lees. Maar vooral leuke dingen. Geen politiek, geen oorlogsgeweld, geen humanitaire drama’s. Ik huil mijn ogen toch wel uit mijn hoofd.
Manlief sleept tissues aan en voert volle steken af. Levert elke avond het hoogtepunt af: warm eten op bed. Hoewel liggend eten die luxe enigszins vergalt, toch even genieten. Zoals in het liedje: ‘het zijn de kleine dingen die het doen….’ Vrienden en familie app-en, bellen en komen op bezoek. Er staan bloemen. Een plantje, een stapel Volkskrantbijlagen, een vriendin stuurt me zelfs een boek. Maar ondankbaar als ik ben, wil ik maar één ding: deze gekrompen wereld uit!