Kunst- en cultuurorganisaties hebben het dankzij het coronavirus moeilijk. Ook de musea worstelen om het hoofd boven water te houden. Daarom roept de Museumvereniging ons op juist de kleinere musea te steunen. Ze zijn de moeite waard, weet Stella Ruisch. Zoals het Jenevermuseum in Schiedam, dat zij vorig jaar bezocht.

Een bonnetje uit 1924

Toeval of bestaat er toch meer tussen hemel en aarde? Ik heb net een afspraak gemaakt in Schiedam, als er bij het opruimen van de zolder op weg naar de vuilnisbak een bedrukt velletje uit de doos waait. Als ik mijn voet erop zet, zie ik dat het een oude brochure is van een drankenhandel uit november 1924. ‘Nou, en?’ denkt de lezer dan.  Maar op 10 november 1924 is mijn moeder geboren in….Schiedam. Dat geeft me het laatste zetje om als eerbetoon aan mijn moeder, voordat ik naar mijn afspraak ga, een bezoek te brengen aan het verbouwde jenevermuseum in de stad.

Toeval bestaat….

Sherrykuur? Mijn moeder dronk jenever

Het waren de jaren ’60 en de emancipatiegolf had de randen van onze tuinstad net bereikt. Jaren waarin vrouwen door de heersende cultuur thuis hun tijd doorbrachten met verveling en een fles sherry. De vrouwen- (toen nog dames-!) bladen schreven omfloerst van ‘afslanken met een sherrykuur’. Mijn moeder pakte op hetzelfde moment de fles jonge jenever en schonk zich in zo’n gelabeld modern glaasje een borrel in. “Ik kan niet anders, want ik ben geboren in Schiedam!”, zei ze dan bij wijze van excuus.

Reclame voor jenever uit de jaren zestig.

Ik loop rond in de expositieruimte van het Jenevermuseum en ik snap nu pas de onontkoombaarheid van die borrel in ons huis. Op elke hoek in het oude Schiedam stond vanaf de 17de eeuw zo’n beetje een jeneverstokerij en de meeste inwoners verdienden hun boterham bij branderijen of toeleveranciers. Zo was mijn opa vertegenwoordiger bij de fabrikant van de typische rechthoekige glazen flessen, waarin jenever ging.

80 kilo graan hijsen

Leuk, dat in het museum niet alleen aandacht wordt besteed aan het productieproces en de overeenkomsten en verschillen met Engelse gin, Schotse whisky en Franse cognac. Ook alle bij jenever betrokken beroepen krijgen een toelichting. De bezoeker mag zo bijvoorbeeld even proberen een zak graan, waarvan de jenever werd gestookt, op te hijsen. Mij lukt dat nog voor geen millimeter en het zorgt voor respect voor de zakkendragers die dagelijks liepen te sjouwen met zakken tot 80 kilo zwaar.

Leer over de verschillen en overeenkomsten met gin, whisky en cognac.

Jenever behoort niet tot het verleden

Er is een prominente plek ingezameld voor een kast, waarin elke laden een jenever-gerelateerde herinnering is opgeborgen van oude Schiedammers. Een herinnering die inmiddels gelabeld is als Nederlands werelderfgoed. Gelukkig hoor ik aan het verhaal van Tess Posthumus via de audioguide dat jenever niet alleen maar tot het verleden behoort. De mede-oprichtster van de bar de Flying Dutchman zweert bij een ouderwetse jenever als basis voor de cocktails die aan de Amsterdamse Singel worden gemaakt. En daarmee behoort ze tot de top van de shakers in de wereld.

Herinneringen als werelderfgoed.

Er wordt ook nog steeds jenever gemaakt in het Jenevermuseum, dat is gevestigd in een branderij. Soms kunnen bezoekers daarvan getuige zijn. Maar via een video kunnen anderen ook een levensecht beeld krijgen van het productieproces én de mogelijkheid de verschillende geuren van moutwijn te ruiken tegen de achtergrond de manshoge vaten. Aan de straatkant liggen vaten die van de plaatselijke bierbrouwer De Koperen Kat zijn overgekomen. Want het enthousiaste groepje stokers in het museum schuwt het experiment niet. Zo laten ze de jenever ook rusten in vaten waarin eerst quadrupel heeft gezeten. Er naast ligt ook nog moutwijn in een oud bourbonvat te rijpen.

Vaten van bierbrouwer De Koperen Kat.
Proost!
Alleen de flessen zijn al bijzonder.

Moutwijnjenever glijdt zacht en geurig naar binnen

Om de smaak te pakken te krijgen, kan het bezoek worden afgesloten met een proeverij.. Op deze doordeweekse dag zit een jonge Hagenaar met zijn opa aan de bar en mag ik even van vrijwilliger Gemma Kooijman met hun samen proeven van de moutwijnjenever. Ik zie mijn moeder nog lachen toen ik van een slokje jonge klare de tranen in mijn ogen kreeg. Wat een verschil met deze -gerijpte- moutwijnjenever! Die glijdt zacht en geurig naar binnen. “Alleen nieuwe haring ontbreekt er nog aan”, denk ik. Een goede reden om nog eens terug te komen naar Schiedam!

Het coronavirus weerhoudt de organisatoren van het Jeneverfestival niet om het evenement – in aangepaste versie- ook dit jaar te houden. Op 12 september is het mogelijk om via een livestream thuis mee te doen aan proeverijen en meer te leren over de drank waarmee Nederland geschiedenis heeft geschreven. Klik hier voor meer informatie.

Bezoek ook eens het Huis van Hilde in Castricum, het bekroonde museum Boerhaave in Leiden, Kaap Skil op Texel, Museum More in Gorssel of het Noordbrabants Museum In Den Bosch…