Slapen? Zo zonde van mijn tijd, dacht ik tot voor kort. Wat je allemaal niet kan dóen in die ruim zeven uur! Het artikel van de Amerikaanse Matthew Walker, dat vorige week in de New Scientist verscheen, heeft echter mijn ogen geopend…. Slaap en vooral de zogenaamde fase van NonRapidEyeMovement (NREM) is niet alleen van levensbelang maar houdt ook duidelijk verband met alzheimer, toont de neurowetenschapper aan.

Alles, behalve dit

Dementie, alzheimer;  namen voor verschillende ziekten die uiteindelijk allemaal even erg zijn. Niet alleen voor de zieke zelf maar ook voor zijn omgeving. De zorg maar ook het verdriet dat de persoonlijkheid van de geliefde verdwijnt weegt zwaar. “Alles, behalve dit,” verzuchtte een vriendin. Na een jaar van verdwalen en kwijtraken is haar onlangs wel duidelijk geworden wat er met haar man aan de hand is. “Zo’n slimme vent, goed met cijfers en nu moet ik hem overal mee helpen. Hij verdwaalt op routes die hij zijn leven lang heeft afgelegd en weet al niet meer wat je 5 minuten geleden gezegd hebt. Terwijl hij hardnekkig ontkent dat er wat aan de hand is. We hebben vitamine B12 geprobeerd, dat helpt bij geheugenverlies, maar ik zie nauwelijks verbetering. Gelukkig heeft hij nu wel de stap naar de dokter gezet.”

Naarmate we ouder worden, slapen we slechter

Door haar verhaal komt de ziekte akelig dichtbij. En krijgt het plagerige in de gesprekken over vergeetachtigheid tussen mijn man die net 65 is geworden en mij een serieuze ondertoon. Juist boven deze leeftijd openbaart alzheimer zich immers.

Matthew Walker is als wetenschapper verbonden aan het Center for Human Sleep Science van de universiteit van Berkeley in de Verenigde Staten.

Neurowetenschapper Matthew Walker legt in zijn artikel uit  dat de ziekte lang daarvoor al zijn schadelijke werking op onze hersenen heeft uitgeoefend. “Naarmate we ouder worden, slapen we slechter. Dat geldt vooral voor de kwaliteit van de non-rem of NREM- slaap- de diepe droomloze fase van slaap. In die fase worden nieuwe herinneringen in onze hersenen vastgelegd, zodat we die niet vergeten. En we houden door slaap ook toegang tot eerdere ervaringen. Bij patiënten met alzheimer is er echter sprake van een ernstig verstoorde nachtrust.”

Vicieuze cirkel

De alzheimer-patiënt komt in een vicieuze cirkel terecht: hij slaapt slecht door zijn ziekte, waardoor zijn ziekte erger wordt. Want inmiddels hebben wetenschappers ontdekt dat ons lichaam de NREM of non-remslaap ook gebruikt om afvalstoffen die de neuronen in de hersenen produceren af te voeren. En een van die afvalstoffen is het amyloïde-eiwit. En dat vormt juist de giftige plaques in onze hersencellen, beter bekend als alzheimer. Een slechte non-remslaap betekent dus minder goede opslag van ervaringen én een toename van het schadelijke eiwit.

Slechte nachtrust vergroot kans op alzheimer

“Dit alles leidt tot een verontrustende conclusie: te weinig slapen maakt de kans groter dat we later in ons leven alzheimer ontwikkelen. Dit staat los van een erfelijke aanleg voor het ontwikkelen van de ziekte. Het risico is zelfs nog groter bij onbehandelde slaapstoornissen als slapeloosheid en slaapapneu”, schrijft Matthew Walker, wiens boek ‘Slaap’ net in Nederland uit is.

Geen wekker

Hoog tijd dus dat we het belang gaan inzien de gemiddelde slaaptijd van nog geen 7,5 uur in Nederland weer te laten stijgen. En vooral de kwaliteit ervan. Dus tijdig stoppen met alcohol en koffie, géén televisie kijken vlak voor het slapen gaan, ook niet nog even Facebook en Whatsapp checken en telkens ongeveer op dezelfde tijd naar bed. O, ja en van Matthew Walker mag je dan niet de wekker zetten. Want een mens heeft pas goed geslapen, als hij na zo’n 8 uur uit zichzelf wakker wordt…