Na de bessen, nu tijd voor pruimen

Eigenlijk eet ik liever hartig dan zoet en voor het betere tuinieren ben ik – sinds we nieuwe groottuinbezitters zijn – nog behoorlijk in de leer. Toch heb ik onlangs zelf jam gemaakt. Met fruit uit eigen tuin, jawel! Jam van zwarte bessen, aalbessen en appel. En dat ging ongeveer zo:

Foto: Pixabay

Dat we aalbessen in de tuin hadden staan, wist ik. Die had ik wel herkend. Maar er stond ook nog een hele haag van veel donkerdere bessen. Een soort sierbes dacht ik maar de buurman wist me te vertellen dat het zwarte bessen waren. Niet per se lekker om zo ‘rauw’ te eten maar wel om te verwerken in jam of compote. Maar dan moest ik er wel snel iets mee, ze waren al zo goed als rijp.

fruitgroentje

Op zoek dus naar recepten om jam te maken, want dat eet ik op zondagochtend nog wel eens op mijn croissantje. Ik kwam uit bij een recept van zwarte én rode bessen en ’n beetje appel voor het volume en een wat zachtere smaak. De aalbessen had ik eerder al geplukt. Tenminste, dat wat de merels er van over hadden gelaten. Als fruitgroentje had ik natuurlijk niets geregeld om de bessen te beschermen. Dat doen we volgend jaar anders.

Jam maken een werkje

Voorbereid als ik altijd te werk ga, had ik mijn mise-en-place zorgvuldig geregeld: grote pan, glazen potten (geen idee op hoeveel jam ik uit zou komen), spatels om te roeren, de staafmixer om de jam glad te krijgen en een soeplepel om de jam in de potjes te doen. Vooral dat laatste bleek achteraf geen best idee. Beter om een jamtrechter te gebruiken. Die blijken te bestaan en zijn er speciaal voor gemaakt om de kokendhete jam zonder morsen en plakken in je jampotjes te gieten.

Voor het eerst jam maken is best even een werkje. Zeker met fruit uit eigen tuin, want met het plukken van de bessen, ze wassen, afhalen en wegen was ik zo al dik een uur verder. Daarna 2 appels (‘gewoon’ in de winkel gekocht) schillen, klokhuis eruit en in stukjes bij het andere fruit in de pan, ‘n paar parten citroen erin voor de pectine (stond in het recept) en hop: een hele zak suiker erbij. Dan het vuur aan onder de pan met dikke bodem, veel omroeren en als het geheel eenmaal aan de kook is (duurt even), dan zo’n 10-15 minuten laten koken.

Het proces van jam koken.

Anderhalve liter jam!

Vervolgens voorzichtig de staafmixer in de fruitmassa voor een eindresultaat zonder stukjes, dat leek me toch lekkerder. De laatste stap in het jam-maak-proces liep uit op een waar gehannes om de loeihete jam zonder al te veel geknoei in de potjes te krijgen,. Maar wilt u wel geloven dat ik uiteindelijk uitkwam op 1½ liter jam? Op een donkere plek wegzetten dan maar voor de houdbaarheid en veel weggeven, als de jam smakelijk genoeg gaat uitpakken.

Ravage

Vrij essentieel trouwens, is dat je je jampotjes vooraf moet steriliseren en dat ze – eenmaal gevuld met de warme jam en de deksel er stevig opgedraaid – even op hun kop moeten staan. Zo krijg je de inhoud luchtdicht en kun je de jam langer bewaren. Dat bleek echter niet bij alle potjes even goed te werken, dus bij de weckpotjes (zonder schroefdeksel) liep het plakkerige goedje er net zo hard weer uit. Snel terug rechtop gezet en schoongemaakt. Toen 2 uur later alles klaar was, overzag ik de kliederboel in mijn keuken: het was een ravage!

Volgende keer kleinere potjes

Een dag later proefden we de jam: superlekker van smaak, maar jammer genoeg te dik. De oplossing op datisjammie.nl (wat een goed bedachte naam!) liet weten dat ik de jam met een juiste verhouding water erbij opnieuw aan de kook moest brengen. Klinkt simpel maar is uiteindelijk veel werk: jam uit de potjes halen, glaswerk schoonmaken, opnieuw steriliseren, klontjes uit de jam pureren, jampotjes nog eens vullen. Welbeschouwd had ik hetzelfde resultaat als waar ik mee startte: 3 potten jam van een halve liter *). Behoorlijk frustrerend, maar wel de moeite waard, zo bleek tijdens ons volgende zondag ontbijt.

Wendy’s jam in gebruik bij art-director Nora Vrba.
Kleinere potten volgende keer handiger.

*) handiger is het kleinere jampotjes te vullen. De jam stolt dan beter, het bevordert de houdbaarheid (eenmaal geopend is een klein potje sneller leeg dan een grote, minder kans dus op bederf) en je kunt ze zo vaker weggeven.

Bende op de koop toe

En het is nog niet gedaan met het jam maken. Er staan ook pruimenbomen in onze tuin, waarvan de vruchten nu in rap tempo kleuren en rijpen. Dus op naar een nieuwe sessie zelf-jam-maken. Het recept heb ik al gevonden. Met rode port en sinaasappel: jammie! Hopelijk heb ik dan geleerd van mijn jam-ontgroening en blijft de keuken verschoond van de bijkomende kliederboel. Hoewel, als de pruimenjam net zo lekker (of lekkerder) wordt, neem ik die bende wel op de koop toe.

Volgende keer: pruimen!

Wendy Voois is vorig jaar verhuisd naar een huis in de Noord-Hollandse polder. Wat dat voor haar betekende beschreef ze in Verhuizen stressvolle gebeurtenis en Verhuizing naar het ‘buiten’land. Maar dat ze enthousiast is over haar omgeving beschreef ze onlangs in haar verhaal over de West-Friese Omringdijk.

Fotografie: ©Nora Vrba, @wendy Voois.